Print dit verslag
    Stuur door naar vriend(in)
Info verslag
Verslagtype: Werkstukken
Taal: Nederlands
Vak: Aardrijkskunde
Commentaar: -
Aantal keer bekeken: 10000
Aardrijkskunde

Aardbevingen en vulkanen

LET OP: Dit verslag is uitsluitend bedoeld als hulpmiddel bij het maken van je eigen verslag en niet om zomaar in te leveren bij je docent(e).

Begrip BBnr’s Betekenis
Steenschaal 25 De steenkorst van de aarde.
Exogene krachten 28,37 Krachten die van buitenaf op de aardkorst inwerken.
Endogene krachten 28,29,37 Krachten die van binnenuit op de aardkorst in werken.
Verwering 33 Het verguizen van gesteente onder invloed van weer en plantengroei.
Reliëf 25,37,48,73,89 Hoogteverschillen in het landschap.
Erosie 35,37 De uitschurende werking van met puin beladen water, ijs of wind of wind.
Magma 31 Gloeiend heet vloeibaar gesteente onder de aardkorst.
Breukgebied 30,32 Gebied dat op een plaatrand ligt.
Aardbeving 32 De plotselinge verschuiving van platen die aan elkaar zijn vast gekit.
Lava 31 Gloeiend heet vloeibaar gesteente boven de aardkorst.
Vulkaan 31 Berg ontstaan rond een krater opgebouwd uit vulkanisch materiaal.
Schaal van richter §3a Een schaal om de kracht van een aardbeving te meten.
Breuken 30,32 Scheur die is ontstaan in de aardkorst.
Platen 30,32 De aardkorst in stukken gebroken.
Schollen 30,32 Ander woord voor platen.
Hypocentrum §3a Het diepste punt van de aardkorst.
Epicentrum §3a Het punt recht boven het hypocentrum.
Lahar §3b Modderstroom.
Tsunami §3b Zeebeving.
Geologie §3b Onderzoeken van de aarde.








Waarom zijn er in West-Europa zo weinig aardbevingen?


deelvragen
1. Hoe ontstaan aardbevingen?
2. Waar vinden we vaak aardbevingen en waarom juist daar?
3. Wat is de schaal van Richter?

1. De aarde bestaat uit verschillende lagen. Eerst krijg je de aardkorst. De aardkorst is niet overal even dik. De korst bestaat uit een laagje harde steen. In de korst zitten barsten. De scherven tussen die barsten noemen we platen of schollen. Onder de harde korst zitten twee mantels. Hier is het niet hard maar is het half gesmolten gesteente, magma. Magma is gloeiend heet en een vloeibaar gesteente. Het stroomt in grote cirkels onder de korst door. Dat draaiende beweging is de aandrijfkracht voor het bewegen van de platen (aardkorst). Hierna krijg je de binnenkern. Het binnenste deel is niet gesmolten. Dit komt door de enorme hitte en omdat de druk daar heel hoog is. Het magma stroomt heel langzaam in het rond.
Door de kracht van dat stromen komen er in aardkorst barsten en breuken. In zo'n breukgebied schuiven stukken aardkorst langs elkaar. Dat schuiven gaat heel langzaam. Het vervelende is dat het schuiven schokkerig gaat. Jarenlang merk je niets en plotseling verschiet het een meter. Dan heb je en aardbeving.
Er zijn ook naschuddingen als er een aardbeving is geweest. Het kan ook gebeuren dat er door een gat in de aardkorst magma ontsnapt. Als magma buiten is noemen we het lava. Die uitstromende lava kan een berg maken. En die berg is dus een vulkaan.
Meestal heeft een aardbeving natuurlijke oorzaken:
 instorten van holen
 vulkanische uitbarsting
 platen die gaan schuiven
Aardschokken die in de aardkorst onder de oceaan ontstaan, veroorzaken een golfbeweging in het water die we Tsunami noemen (is Japans voor vloedgolf). De Tsunami is in het midden van de oceaan nog niet zo hoog, maar als hij de kust nadert, kan het water wel 76 meter opzwepen. De Tsunami slaat op de kust uiteen waarbij hij gebouwen vernielt en boten ver het land inslingert. Een Tsunami kan ook door een vulkaanuitbarsting ontstaan.

2. De meeste aardbevingen komen voor rondom de Grote Oceaan, in het Middelandse Zeegebied en verder oostwaarts in de Himalaya en Indonesië en vooral in China en Japan.
Waarom juist daar? Omdat die gebieden op de breukgebieden liggen.
Op het kaartje kunt u de breukgebieden en schollen zien. U ziet er verschillende platen en breuklijnen. Bij die breuklijnen liggen de gebieden waar de meeste aardbevingen voorkomen.


3. De schaal van Richter is in 1935 ontworpen door de Amerikaanse seismoloog Charles Richter en is gebaseerd op de sterkte van de trillingen, zoals die gemeten worden op het seismogram. De schaal van Richter geeft de energie aan die in de vorm van seismische trillingen wordt uitgestraald. Dit meet men met behulp van seismometers.
De sterkte van een aardbeving wordt met een magnitude getal opgegeven. De sterkte, uitgedrukt in eenheden op de schaal van Richter, wordt dus de magnitude van een aardbeving genoemd, analoog aan het begrip uit de sterrenkunde om de helderheid van een ster mee aan te geven. De magnitude wordt berekend aan de hand van de grootte van de uitslagen van de registratie van de aardbeving. Hierbij worden correcties toegepast om de invloed van de afstand tussen epicentrum en seismisch station in rekening te brengen. Met het toenemen van de afgelegde afstand verliezen de seismische golven door geometrische spreiding en absorptie namelijk een deel van hun trillingsamplitude.
De schaal van Richter is logaritmisch, hetgeen betekent dat een tien keer grotere uitslag op het seismogram overeenkomt met een toename van één magnitude-eenheid. De schaal van Richter is noch aan de bovenzijde noch aan de onderzijde begrensd zoals dat wel het geval is voor de 12-delige schaal van Mercalli. Richter definieerde een standaard aardbeving van magnitude 3 wanneer op een afstand van 100 kilometer met een kort periodische horizontale Wood-Anderson seismometer een maximale uitslag van 1 mm op het seismogram werd waargenomen.


antwoord op onderzoeksvraag 1
Doordat West- Europa niet bij een breuklijn ligt, zal er niet zo snel een aardbeving plaatsvinden en is ook niet mogelijk dat het magma via de aardkorst kan ontsnappen, dus is er ook geen mogelijkheid dat er een vulkaan zal komen. Geen aardbevingen of vulkaanuitbarstingen dus. Als er aardbevingen zijn, is dat waarschijnlijk door het ontsnappen van aardgassen. Dus de kans op aardbevingen of vulkaanuitbarstingen is zeer klein.

onderzoeksvraag 2
Wanneer vallen er bij vulkaanuitbarstingen veel slachtoffers?

deelvragen
1. Hoe werken vulkanen?
2. Waar op aarde vind je veel vulkanen?
3. Welke soorten vulkaanuitbarstingen zijn er?


1. De explosie van een vulkaan ontstaat door het plotse wegvallen van de druk op het magma in de diepte wanneer de stop bovenaan eraf vliegt. Het gestolde magma is een gesteente met poriën en blaasjes waarin gas (vooral waterdamp) onder druk opgesloten zit. Wanneer die druk plots niet meer wordt tegengehouden doordat de opening bovenaan vrijkomt, barst het gesteente uit elkaar. Als gevolg spuit er een hele hoop magma (vloeibaar gesteente van van onder de aardkorst) uit, die we, als het uit de grond spuit, lava noemen… een vulkaan!


2. De meeste vulkanen komen voor rondom de Grote Oceaan, in het Middellandse Zeegebied en verder oostwaarts in de Himalaya en Indonesië en vooral in en Japan en in Oost- Afrika
Waarom juist daar? Omdat die gebieden op de breukgebieden liggen.




3. Er zijn 3 soorten vulkaanuitbarstingen:
1. De vloeibare vorm: gesmolten gesteente. Als het nog in de Aarde zit noemen we het magma, maar als het naar buiten stroomt noemen we het lava
2. De vaste vorm: meestal komt die voor als een explosie van kleine stukjes steen en as. Het kan bij een uitbarsting / eruptie wel 20 kilometer de lucht in geslingerd worden en door de wind over een grote afstand worden verspreid. Vulkanische as is soms vruchtbaar.
3. De gasvorm. Bijvoorbeeld giftige fosfordampen.

andwoord oponderzoeks vraag 2
Een veelvoorkomende manier is het stikken in de giftige fosfordampen of bedolven worden onder as. Ook niet fijn is levend gebraden worden in de lava, maar gelukkig gebeurt dit weinig. Bovendien ben je meestal al dood als dat gebeurt.
Zo zijn er grote aantallen doden gevallen:
Twintigduizend bij de Vesuvius in Pompeï, hetzelfde bij de Etna in Sicilië.





krantenartikelen

Vulkanen Saba en Sint Eustatius zijn niet uitgestorven
WILLEMSTAD - Twee Nederlandse experts hebben gewaarschuwd voor de vulkanen op de eilanden Saba en Sint Eustatius. Die blijken niet uitgestorven maar tot de categorie van slapende vulkanen te behoren. De twee deskundigen hebben er bij de Antilliaanse regering op aangedrongen evacuatieplannen op te stellen en fondsen daarvoor beschikbaar te houden. Volgens de twee Nederlanders, dr. H. van Boogaert van de Rijks Geologische Dienst en dr. H. Haak van het Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut, liggen Saba en Sint Eustatius in de zogeheten 'Vulkanische Boog'. Daartoe behoren ook de eilanden St. Kitts, Nevis, Montserrat, Dominica, Martinique, St Lucia, St Vincent en Grenada. ``De recente uitbarsting van de vulkaan Soufrière Hills op Montserrat maakt constante metingen noodzakelijk voor alle eilanden binnen de Vulkanische Boog van de Kleine Antillen'', rapporteren de Nederlandse experts. Ze bevelen voor Saba elke twee tot drie maanden metingen aan van de warmwaterbronnen. De temperatuur hiervan stijgt namelijk voor elke eruptie. Saba blijkt gevoeliger te zijn voor een uitbarsting dan Sint Eustatius.
De Nederlandse experts pleiten verder voor meer uitwisseling van gegevens met het Seismologisch Instituut in Trinidad en de op Martinique gevestigde vulkanische observatiepost. De twee wijzen erop dat de vliegvelden van Saba en Sint Eustatius niet geschikt zijn voor massa-evacuatie. In plaats daarvan zou er meer scheepsruimte voor noodgevallen moeten zijn.
De bevindingen van de Nederlandse deskundigen komen sterk overeen met een wetenschappelijke studie die in 1981 is verricht. De resultaten daarvan zijn steeds geheim gebleven. Het rapport van de twee Nederlanders is de vorige week aan de autoriteiten op Sint Maarten aangeboden. De inhoud ervan werd donderdag op Curaçao bekendgemaakt.


Regering verzwijgt nog steeds gevaar vulkanen Saba en Statia

AMSTERDAM/WILLEMSTAD - 'Antillen verzwegen gevaar vulkanen'. Met deze kop opent het Nederlandse dagblad Trouw vandaag. De krant verwijst naar een rapport uit 1981 over de vulkanen op Saba en Sint-Eustatius, dat als 'geheim' werd geclassificeerd.
In het rapport worden de risico's van een mogelijke vulkaanuitbarsting op de beide eilanden uitvoerig beschreven. De kans op een uitbarsting is weliswaar niet erg groot, maar als er iets gebeurt, zal de uitbarsting 'redelijk explosief' zijn. De onderzoekers wijzen erop dat het van groot belang is goed in de gaten te houden of een eruptie zich aandient. Dat kan op Saba bijvoorbeeld door de temperatuur van de warmwaterbronnen aan de noordkant te meten.
Voorlichting en bewustmaking van de bevolking is een andere belangrijke aanbeveling uit het rapport, geschreven door drie vulkanologen uit de regio. De bevolking zal bijvoorbeeld goed moeten weten hoe bij een uitbarsting te handelen. Zeker op Saba, dat het grootste risico op een vulkanische uitbarsting loopt, is het zaak dat men bekend is met de mogelijkheden tot evacuatie. Dat kan namelijk niet per vliegtuig, waarin maar 19 man vervoerd kunnen worden. In 1994 heeft een missie hierover met het Rode Kruis afspraken gemaakt: de bevolking kan in de boten die cruisepassagiers naar de wal brengen, naar Sint- Maarten worden gebracht.
Overigens heeft minister Inderson (volksgezondheid en milieu) in augustus 1994 het embargo op het rapport opgeheven. Dat gebeurde nadat deze krant uitvoerig over het toen nog geheime rapport had gepubliceerd. Hij kondigde aan de zaak met de andere eilanden te willen coördineren en zegde tevens toe dat er op Saba en Sint-Eustatius voorlichtingsprogramma's zouden komen. Na de missie eind 1994, toonde H.A. van Adrichem Bogaert van het Nederlands Instituut voor Toegepaste Geometrie in Haarlem zich positief over de houding van de Antilliaanse regering: er zou meer openheid zijn en meer bereidheid om daadwerkelijk aan een rampenplan voor de beide vulkanische eilanden te werken. Aan die bereidheid is sindsdien echter geen invulling meer gegeven. Op Saba bijvoorbeeld is het rapport nog steeds niet bekend.
Ronnie Martina, voorlichter bij het Antillenhuis in Den Haag, heeft aan Trouw gemeld dat er destijds geen reden was voor publicatie van het rapport 'omdat het tot paniek zou kunnen leiden'.







Uit de binnenland-sectie van De Telegraaf-i van
22 juli 1997
Meer aardbevingen Noord-Nederland
Van onze correspondent - ROSWINKEL, dinsdag
Het aantal aardbevingen in het noorden van ons land vertoont een stijgende lijn, aldus het KNMI.
De meeste aardschokken doen zich voor in Groningen en Drenthe, op plaatsen waar aardgas wordt gewonnen. "Er is een duidelijke relatie tussen de aardgaswinning en de aardbevingen", stelt seismoloog dr. Hein Haak van het KNMI.
Haak wijt de stijging van het aantal bevingen overigens aan de verbeterde detectiemethoden van het KNMI. "Vroeger hadden we maar een paar meetpunten. Inmiddels staat onze apparatuur op veel meer plekken opgesteld, waardoor we ook kleine schokjes goed kunnen vastleggen."
Sinds 1986 werden in Groningen, Drenthe en Noord Holland 141 aardbevingen geregistreerd. Alkmaar werd twee keer getroffen, op 6 augustus 1994 met een kracht van 3,0 en een maand later met een kracht van 3,18 op de schaal van Richter.
De zwaarste beving vond echter op 19 februari van dit jaar plaats in het Drentse Roswinkel: 3,35 op de schaal van Richter. Inwoners zagen hun meubels door de kamer dansen.
Terug Stuur je eigen verslag op Opnieuw zoeken