De Romantiek is een tijd waarin vrij veel nu nog heel leesbare boeken zijn geschreven.
We denken dan aan de periode 1780 tot 1880.
Hierbij moet wel bedacht worden dat het een stroming is die in Duitsland , Frankrijk en
Engeland een veel grotere bloei doormaakte dan hier en dat de Romantiek in die landen ook
eerder gedateerd moet worden.
Nederland is van oudsher een gebied geweest dat door zijn geografische ligging
openstond voor alle culturen, voor alle invloeden en stromingen.
En zo is dit ook met de invloed van de Romantiek die ons land heeft ondergaan. Je kunt
niet zeggen dat er in Nederland een hoge bloei van romantische literatuur of muziek is
geweest - wel kan vastgesteld worden dat de buitenlandse invloeden hier zichtbaar aanwezig
zijn in onze cultuur.
Romantiek is in de eerste plaats het centraal stellen van het Gevoel.
Dit is een tegenstelling tot de tijd van het Rationalisme waarin immers het
Verstandelijke centraal gesteld wordt.
De Romantiek is natuurlijk ook een reactie op die periode van nuchterheid en
verstandelijke benadering van de werkelijkheid.
Voor de Nederlandse literatuur kun je een indeling maken van de Romantiek als volgt:
I De Pré-Romantiek 1777-1800
II De bloei van de Romantiek 1800-1840
III De nabloei van de Romantiek 1840-1880
We rekenen het werk van Wolff en Deken gedeeltelijk tot de Verlichting en deels tot de
Romantiek.
Immers: er zit in een roman als Sara Burgerhart een sterk opvoedkundig element
(Rationalisme), maar ook een gevoelselement (Romantiek). Dat gevoelselement komt tot
uiting in de beschrijving van heel warme vriendschappen, de rol van de liefde waarbij niet
met het verstand maar met het gevoel een partner wordt gekozen.
Ook een schrijver die tot de twee werelden van Rationalisme en Romantiek behoort is de
dichter A.C.W.Staring.
Een gedicht als bijvoorbeeld De Hoofdige boer is rationalistisch omdat het pleit voor
de vooruitgang en gericht is tegen conservatieve elementen. (Het gaat over Scholte
Stuggink die als enige in het dorpje Almen door de modder loopt naast de nieuw gebouwde
brug omdat hij niets van het nieuwe moet hebben en alles wil doen zoals zijn voorouders
het deden)
Maar het romantische element speelt ook een rol: er is bij Staring
belangstelling voor oude volksverhalen, het verhaal speelt in een ver verleden.
Voor we meer auteurs bespreken het goed om eerst eens wat kenmerkende eigenschappen te
noemen van de literatuur uit de Romantiek.
Eigenlijk zijn alle kenmerken van een Romantisch werk terug te brengen tot het
verlangen om weg te vluchten uit het heden, weg uit het hier en nu.
Romantiek is steeds een vlucht in de Verbeelding.
Dat leidt tot het schrijven verhalen en romans die in een andere tijd spelen. (Vooral
in de middeleeuwen, een enkele keer in de toekomst).
Ook komen we verhalen tegen die in een verre exotische omgeving spelen.
Er is een verlangen naar het ongrijpbare.
Kenmerkend is het optreden van heksen, spoken vaak tegen het decor van ruďnes of een
kerkhof.
Onthulling van hoge afstamming van een arm gewaand persoon is ook een veel gebruikt
motief.
In de tijd van de Romantiek kwamen ook de eerste ruime belangstelling voor de eigen
grond, het nationale op. En dat uitte zich ook in het schrijven in streektaal. Voorbeelden
van literatuur in streektaal vind je bij J.J.Cremer met zijn Betuwse Vertellingen en onder
meer bij Hildebrand die bijvoorbeeld in het verhaal Teun de jager (uit de Camera Obscura)
het dialect van de omgeving van Schoorl noteert.
In de negentiende eeuw zie je in onze literatuur twee belangrijke genres onstaan die
hun oorsprong vinden in de Romantiek. Dat zijn:
1. De historische roman (ook historische verhalen en gedichten);
2. De humor.