Bosboom-Toussaint, Geertruida (Anna Louisa), *16.9.1812 Alkmaar, overl.13.4.1886
s-Gravenhage. Zij was korte tijd huisonderwijzeres. In 1851 trad zij, na eerst
verloofd te zijn geweest met RC. Bakhuizen van den Brink, in het huwelijk met de schilder
J. Bosboom, en woonde daarna meestal in Den Haag. Bosboom-Toussaint, aangemoedigd door
haar vrienden van De Gids, debuteerde in 1837 met de novelle Almagro, in 1838 gevolgd door
een werk in het genre waardoor zij beroemd zou worden: de historische roman De graaf van
Devonshire, nog sterk onder invloed van Walter Scott. De eerste roman waarin zij
oorspronkelijke Nederlandse stof verwerkte was Het huis Lauernesse (1840), dat de strijd
tussen protestanten en katholieken in het begin van de 16e eeuw behandelt.
Haar emancipatieroman Majoor Frans is een heel ander, zeer leesbare roman die altijd wel
veel lezers heeft getrokken. Dat boek is heel geschikt voor een leeslijst.