Leo Vroman (Gouda 1915), Nederlands schrijver en bioloog, studeerde te Utrecht
(19321939), verbleef tijdens de Tweede Wereldoorlog in Japanse gevangenschap en ging
daarna naar de Verenigde Staten, waar hij werkzaam was als hematoloog (hij onderzocht
bloed). In 1968 publiceerde hij het half-autobiografische Bloed. Als dichter
debuteerde hij met de bundel Gedichten in 1946.
Zijn gedichten zijn speels en vlot leesbaar.
Enkele titels: De adem van Mars (1956; proza); Uit slaapwandelen (1957); Snippers
(1958; proza); Fabels (1962); Manke vliegen (1964); 126 Gedichten
(1964); Almanak (1965); Proza (1966); God en godin (1967); 114
Gedichten (1969);